Hoe bak je een werkstuk met deksel?

Na veel checken, aanpassen en dubbelchecken ben je helemaal zeker: het deksel van je werkstuk heeft precies de juiste vorm en grootte. Het zit als gegoten! Maar nu moet je werkstuk nog drogen. En daarna moet het de oven in! Je maakt je zorgen, want wat als je pot en deksel niet gelijkmatig krimpen? Het is elke keramist al eens overkomen: dat ‘als gegoten’ deksel past na het bakken niet meer op de pot. Wat een zonde! Maar wat kan je eigenlijk doen om dit te vermijden?
Nele Ostyn

Nele Ostyn

Eeuwige cursist.

Tijdens het drogen

Veel keramisten kiezen ervoor om hun werkstukken gewoon met het deksel erop te laten drogen. Zo ben je zeker dat het deksel ook na het drogen perfect past. Bijkomend voordeel is dat je zo vermijdt dat de randen van je pot sneller drogen dan de rest van je pot. Je deksel en je pot beschermen elkaar als het ware.

Als je deze methode gebruikt, moet je natuurlijk wel vermijden dat je deksel en pot aan elkaar blijven plakken. Je kan bijvoorbeeld een reepje krantenpapier, keukenpapier of bakpapier tussen je deksel en je pot leggen. Wees dan wel voorzichtig bij het verwijderen, zodat het papier geen sporen nalaat. 

In plaats van papier kan je ook plastic folie gebruiken. Of je kan een beetje maïzena op de rand van de pot en het deksel strooien. Zo blijft de klei niet aan elkaar plakken en het poeder brandt helemaal weg in de oven. 

Er zijn ook keramisten die deksel en pot liever apart laten drogen. Leg ze in dat geval wel allebei in dezelfde ruimte, zodat de omstandigheden tijdens het drogen zoveel mogelijk hetzelfde zijn. Draai ze ook allebei om, met de randen telkens vlak tegen de oppervlakte, om ze te beschermen.

Tijdens het bakken

Als je een pot met deksel erop in de oven steekt, dan ontstaat er een soort luchtbel binnen de pot. Als er dan vocht terechtkomt in die luchtbel, dan kan het niet ontsnappen. En dat kan in het ergste geval tot een ontploft werkstuk leiden…

Hoe kan je dit scenario vermijden?
Een eerste mogelijke oplossing is om een discreet gaatje te maken in je deksel (of in je pot). Zo ben je zeker dat eventueel vocht dat in de pot terechtkomt nog steeds kan ontsnappen. Het is een oplossing die veel gemoedsrust geeft, maar wel niet geschikt is voor elk werkstuk. Want een gaatje heeft natuurlijk gevolgen voor de functionaliteit van je werkstuk, én voor de esthetiek.

Is een gaatje geen optie?
Dan moet je een knoop doorhakken. Veel keramisten nemen het risico er liever bij en houden pot en deksel samen tijdens de biscuitbak. Zo ben je immers zeker dat het deksel nadien nog zal passen. Andere keramisten kiezen er dan weer voor om deksel en pot toch apart te houden. Ze hebben dan wel meer ruimte nodig in de oven. Het is niet meteen duidelijk of de ene optie een hogere slaagkans heeft dan de ander. Aan jou de keuze dus!

Bij de glazuurbak is het een ander verhaal: de meerderheid van de keramisten houdt pot en deksel liever samen. Dit omdat de kans vrij groot is dat je werkstuk tijdens de glazuurbak nog wat zal vervormen. Belangrijk is wel dat er geen glazuur zit op de plekken waar pot en deksel elkaar raken, anders zullen ze aan elkaar plakken. Je gebruikt daarom best een glazuur dat niet te loperig – en dus makkelijk te controleren – is. Als je helemaal zeker wil zijn, kan je ook uitsparingswas gebruiken om de randen te beschermen. 

Het nadeel is dat je op deze manier een resultaat kan krijgen waar van je duidelijk ziet dat bepaalde delen niet geglazuurd zijn. Dat is ook de reden dat sommige keramisten er toch voor kiezen om pot en deksel ook tijdens de glazuurbak apart te houden. Maar je kan dit probleem ook anders oplossen. Misschien kan je die ongeglazuurde delen wel verdoezelen met een strategische decoratie, met engobe of onderglazuur? Of misschien kies je voor een originele vorm van deksel en/of pot waarbij dat ongeglazuurde deel helemaal niet opvalt?

Een andere optie is om te werken met bolletjes van kaolien en aluminiumoxide. Om een pot en deksel samen te kunnen bakken en zo weinig mogelijk vervorming te hebben van pot en deksel, kan je ook werken met kleine bolletjes om tussen de twee delen te steken. Die bolletjes maken we van kaolien (1 deel) en aluminiumoxide (3 delen). Voeg daar water aan toe tot het een kneedbaar papje wordt. Rol kleine bolletjes van dat papje, die je dan tussen de rand van de pot en het deksel kan steken. Zo raken de beide delen niet, en heb je meer kans dat ze gelijkvormig de bak overleven. Het proberen waard!

Wat als het deksel toch vastzit?

Hoe voorzichtig je ook bent, het kan nog steeds gebeuren dat je deksel vast komt te zitten in je pot. Geen paniek, want misschien kan je je werkstuk nog redden. 

Wacht tot de oven voldoende afgekoeld is om hem veilig te openen. Haal de pot eruit wanneer die nog warm is. De klei is op dit moment nog steeds een klein beetje uitgezet. Tik vervolgens met een houten lepel op het deksel om het los te maken. 

Is dat niet gelukt?
Sproei dan een beetje water op de delen waar het deksel en de pot elkaar raken. Zet het werkstuk vervolgens enkel uren in de diepvries, zodat de klei een klein beetje krimpt. Haal de pot uit de diepvries en dompel enkel de pot, niet het deksel, onder in warm water. Zo zal de pot een klein beetje uitzetten, terwijl het deksel dezelfde grootte blijft. Vaak is dat genoeg om de twee delen los te krijgen. 

Zit het deksel vast omwille van het glazuur?
Dan zullen deze methodes niet werken. Je kan eventueel proberen om de twee van elkaar los te maken met een slijpmachine, maar de kans is groot dat je dan het deksel zal breken. Aan jou de keuze of je dat risico wil nemen, of je pot met deksel liever als versiering houdt…

Deel dit bericht
Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest
Email

Bijleren over klei en keramiek, en je kleivaardigheden aanscherpen?

Bekijk het aanbod van online cursussen en duik met je handen in de klei!

Ontdek hier meer blogs

Vormen
Nele

De fermentatiepot

Groenten fermenteren of zuurkool maken in je zelfgedraaide fermentatiepot. Voor wie houdt van een keramiekuitdaging!